Aflosdoel 2018

De afgelopen maand hebben we al een inkijkje gegeven in onze financiële verwachtingen voor het komende jaar. Dat deden we hier, hier en hier. Ook schreven we eergisteren over onze nieuwe blik op onze hypotheek.

Nu is het zo langzamerhand tijd om de financiële doelen concreet te maken. Om de naam van ons blog eer aan te doen beginnen we met het aflosdoel voor volgend jaar.

We gaan het aflossen een klein stapje rustiger aan doen. Waar we dit jaar maximaal aflosten op onze hypotheek, deels ook door een erfenis, gaan we dit jaar wat minder aflossen. Dit komt voornamelijk omdat we dus wat minder inkomsten verwachten in het komende jaar.

We willen dit jaar in ieder geval 10% boetevrij aflossen op onze annuïtaire hypotheek. Dat is ruim €6.700 oftewel gemiddeld net geen 560 euro per maand. Dat gaan we niet zo maandelijks overmaken naar de bank. We gaan het jaar beginnen met een maandelijkse extra aflossing van €250. Dat is aan de veilige kant naast de andere doelen die we nog hebben, maar we willen eerst een goed beeld krijgen hoe alle veranderingen echt gaan uitpakken op onze inkomsten.

Waarom kiezen we voor de annuïtaire hypotheek en bijvoorbeeld niet voor de aflossingsvrije hypotheek? Dat heeft met twee zaken te maken. Ten eerste heeft dit deel van de hypotheek de hoogste rente, zie hiervoor ons hypotheekoverzicht. Daarnaast daalt na elke extra aflossing op dit hypotheekdeel ook de reguliere aflossing. Samen levert dat de grootste besparing op in de maandlasten. Die besparingen kunnen we dan weer gebruiken voor volgende extra aflossingen.

Met deze maandelijkse aflossingen zullen we ons doel niet redden. De rest van de aflossing zullen we betalen uit de belastingteruggaaf die we ook dit jaar weer verwachten te ontvangen.

Daarnaast willen we nog zo’n €1.500 aflossen op ofwel de aflossingsvrije hypotheek ofwel de spaarhypotheek, daar kijken we nog naar, zodat we de balans goed houden.

In totaal gaan we er dus voor om iets meer dan €.8.200 extra af te lossen.

Financiën in 2018 (3): Sparen

December is traditioneel gezien de laatste maand van het jaar. Voor ons is dat een tijd om de financiën samen weer eens extra goed door te nemen en ook vooruit te kijken naar het volgende jaar. Dat doornemen komt aan het eind van de maand als alle rekeningen weer zijn betaald, maar dat vooruitkijken kan nu al.

Volgend jaar gaat voor ons behoorlijk wat (financiële) veranderingen met zich mee brengen, de belangrijkste is natuurlijk de komst van onze nieuwe spruit. Die verwachten we in april.

Op financieel gebied zal dat ook het één en ander betekenen. Maar dat is niet het enige dat er volgend jaar voor ons gaat veranderen. In een aantal blogs zal ik proberen alle veranderingen voor volgend jaar op een rijtje te zetten. Dat is vooral voor onszelf, maar jullie mogen natuurlijk gewoon meelezen..

In deze serie verscheen eerder:

Vandaag het laatste deel van de serie: Sparen.
In de vorige delen van deze serie hebben we al beschreven dat we verwachten dat onze inkomsten, zeker in de eerste helft van het jaar wat lager zullen uitvallen en dat de uitgaven wat hoger zullen zijn. In de tweede helft van het jaar verwachten we dat die uitgaven wat dalen.
Per saldo verwachten we iets minder dan nu over te houden per maand in de eerte helft van het jaar en dat het in de tweede helft van het jaar zal het ongeveer hetzelfde zijn als dit jaar.
Wat verstaan wij dan onder sparen? Eigenlijk alles wat we doen voor het be4reiken van (meer) financiële vrijheid. Daar valt natuurlijk het sparen zelf onder, maar ook het beleggen in aandelen, ETF’s en beleggingsfondsen. Daarnaast laten we het extra aflossen op de hypotheek hier ook onder vallen en het sparen voor dochterlief (en in de toekomst de nieuwe spruit). 
Sparen: Naast het vergroten van onze buffer (uiteindelijk willen we naar half jaar netto inkomen toe), sparen we ook apart voor het vervangen van onze auto. Voor de rest gaan we stoppen met aparte potjes voor verschillende zaken. Op het moment dat we willen sparen voor een echt grote uitgave (>€5.000) zullen we wel een apart potje gaan aanleggen. Bij voorkeur willen we dan niet onze beleggingen aanspreken ook al is dat altijd een optie natuurlijk. Daarbij denk ik dan bijvoorbeeld aan een nieuwe keuken, een caravan of bijvoorbeeld een verhuizing. Geen van die zaken staan, voor zover we dat nu inschatten, niet in de komende twee jaar op de rol. We willen zo’n €500 per maand sparen echt sparen.
Beleggen: We blijven doorgaan met beleggen. Dit doen we om vermogen op te bouwen dat ons van inkomen kan voorzien, het zogenaamde passieve inkomen. Zoals Mr. Money Mustache altijd zegt: laat je geld voor je werken. Afhankelijk van hoeveel we precies gaan overhouden willen we €300-€400 per maand gaan beleggen. Daarnaast zullen we de inkomsten uit onze beleggingen herbeleggen. Dat is op dit moment zo’n €400 op jaarbasis.
Extra aflossen: We blijven extra aflossen volgend jaar. Wel gaan we het ietsjes rustiger aan doen dan het afgelopen jaar. Waar we in 2017 in “normale maanden” 500 tot 600 euro per maand en in bijzondere maanden hogere bedragen aflosten gaan we in 2018 beginnen met €300 per maand extra aflossen op de annuïteitenhypotheek. De annuïteitenhypotheek heeft de hoogste rente en leidt daarom dus tot de grootste besparing in de maandlasten. Ook omdat de aflossing per maand daardoor ook steeds wat minder wordt. Wat we in de maanden met extra inkomsten gaan doen hebben we nog niet besloten en ook hoe we het tweede deel van het jaar het gaan doen weten we nog niet. Onze extra aflossingen tot nu toe kun je hier bekijken.
Crowdfunding:
We hebben al een tijdje een proef lopen via een buitenlands crowdfundingplatform. Daar hebben we nu 50 euro geïnvesteerd in 5 projecten. Begin volgend jaar zal ik eens wat over de ervaringen tot nu toe schrijven. We hebben geen ambities om hier structureel mee aan de slag te gaan in 2018.
Overig: Als laatste kan M vakantiedagen bijkopen. Daar is hij in 2017 mee begonnen. In 2018 gaat hij daarmee door. Afhankelijk van hoe de financiën precies gaan uitvallen zal hij meer of minder dagen bijkopen.
In het begin van het jaar zal ik de doelen bekend maken die we bij de bovenstaande categoriën willen bereiken…
Hebben jullie al een inzicht in het financiële plaatje voor volgend jaar?

Financiën in 2018 (2): De uitgaven

December is traditioneel gezien de laatste maand van het jaar. Voor ons is dat een tijd om de financiën samen weer eens extra goed door te nemen en ook vooruit te kijken naar het volgende jaar. Dat doornemen komt aan het eind van de maand als alle rekeningen weer zijn betaald, maar dat vooruitkijken kan nu al.

Volgend jaar gaat voor ons behoorlijk wat (financiële) veranderingen met zich mee brengen, de belangrijkste is natuurlijk de komst van onze nieuwe spruit. Die verwachten we in april.

Op financieel gebied zal dat ook het één en ander betekenen. Maar dat is niet het enige dat er volgend jaar voor ons gaat veranderen. In een aantal blogs zal ik proberen alle veranderingen voor volgend jaar op een rijtje te zetten. Dat is vooral voor onszelf, maar jullie mogen natuurlijk gewoon meelezen..

In deze serie verscheen eerder:

Vandaag deel 2: De uitgaven.

Wonen: Door het vele aflossen dit jaar zijn onze hypotheeklasten een stuk lager dan vorig jaar. Om precies te zijn zijn de lasten in het afgelopen jaar met net geen honderd euro gedaald. Die winst hebben we al ten opzichte van 2017. Ook zullen we blijven aflossen, hoeveel we van plan zijn af te lossen vertel ik in de volgende aflevering van deze serie.
Ons energiecontract staat nog vast tot 1 juli. Tot die tijd zullen we hetzelfde bedrag betalen, maar door de stijgende energiebelastingen zou het zo maar kunnen dat we wat zullen moeten bijbetalen op het eind. Hoeveel dat is, geen idee maar we houden er rekening mee. In de tweede helft van het jaar zullen we waarschijnlijk meer moeten gaan betalen.

Lokale belastingen: De nieuwe WOZ-waarde van ons huis is nog niet bekend, maar zal ongetwijfeld hoger uitvallen dan hij nu is. Ook voor het waterschap en de andere gemeentelijke lasten verwachten we een stijging van zo’n €10 per maand (betalen in 10 maanden).

School en kinderopvang
Na de zomervakantie gaat onze dochter naar de basisschool. Dat betekent voor haar dat we geen kinderopvang hoeven te betalen. Wel komt daar een “vrijwillige” ouderbijdrage voor terug, maar dat is niet te vergelijken.
Daarnaast zal onze nieuwe spruit wel aar de kinderopvang gaan. Hij of zij zal echter maar één dag gaan in plaats van twee dagen zoals onze dochter nu gaat. Dochter ging namelijk eerder ook maar één dag per week totdat V een opleiding ging volgen. Nu houden we de tweede dag aan zodat V tijdens de zwangerschap ook nog een dag heeft waarop ze echt goed haar rust kan nemen.
Per saldo zullen deze kosten flink naar beneden gaan in de tweede helft van het jaar.

Autokosten: Onze autoverzekering loopt in februari af. We hadden een allriskverzekering met 3 jaar het aankoopbedrag terug bij een total loss. Die drie jaar zitten er nu op. We gaan dan eens shoppen naar wat het beste alternatief is.
Ook kunnen we waarschijnlijk het verbruik wel verminderen. Dat is dan vooral het zakelijke verbruik waar M onze auto nu nog wel eens voor gebruikt. Doordat het bedrijf meer auto’s beschikbaar stelt voor zakelijke reizen is de noodzaak voor M om zijn eigen auto te gebruiken minder geworden. En als je echt goed naar ons verbruik kijkt is dat toch wel het gros van de kilometers die we rijden.
Ook hier kunnen we wel op besparen.

Boodschappen: We hopen hetzelfde budget aan te kunnen houden als we nu ook hebben, zo’n €300 per maand. Of dat gaat lukken met een baby in de luiers en mogelijk aan de voeding gaan we zien.

De rest: Voor de meeste (kleinere) uitgaven zal het niveau afhangen van discipline en prijsverhogingen hoeveel we eraan uit zullen gaan geven. Voor het gemak ga ik ervan uit dat dit ongeveer net zoveel is als dit jaar.

Financiën in 2018 (1): De inkomsten

December is traditioneel gezien de laatste maand van het jaar. Voor ons is dat een tijd om de financiën samen weer eens extra goed door te nemen en ook vooruit te kijken naar het volgende jaar. Dat doornemen komt aan het eind van de maand als alle rekeningen weer zijn betaald, maar dat vooruitkijken kan nu al.

Volgend jaar gaat voor ons behoorlijk wat (financiële) veranderingen met zich mee brengen, de belangrijkste is natuurlijk de komst van onze nieuwe spruit. Die verwachten we in april.

Op financieel gebied zal dat ook het één en ander betekenen. Maar dat is niet het enige dat er volgend jaar voor ons gaat veranderen. In een aantal blogs zal ik proberen alle veranderingen voor volgend jaar op een rijtje te zetten. Dat is vooral voor onszelf, maar jullie mogen natuurlijk gewoon meelezen..
Vandaag de eerste aflevering, de inkomsten.

Salaris M:
Zoals ik al eerder schreef ga ik in 2018 minder werken. Ik schreef daar hier al eerder over. Ik neem een halve dag ouderschapsverlof op en een halve dag verlof per week. Zo ga ik 4 dagen (80%) werken tegen 90% salaris met 100% pensioenopbouw. Ik kan daar een aantal jaar mee vooruit. Wat ons dat financieel kost heb ik ook al over geblogd. Het kost ons netto ongeveer €250 per maand.

Ik had gehoopt dat een nieuwe CAO en een loonsverhoging op basis van presteren de pijn zouden verzachten, maar daar zal ik nog even op moeten wachten. De CAO-onderhandelingen zijn vastgelopen en door het vertrek van mijn leidinggevende volgt de beoordeling van mijn functioneren in 2017 pas in maart. Daarna krijg ik met terugwerkende kracht mijn opslag uitbetaald. Vooralsnog gaat ons inkomen op dit punt dus wat naar beneden.

Inkomen V: 
V gaat vanaf januari ook al wat minder werken ivm de zwangerschap. Dat is een dagdeel minder. Daarvoor heeft ze intussen een vervanger geregeld die ook tijdens het zwangerschapsverlof haar overige werkdagen zal overnemen.
Van de uren die worden overgenomen krijgt V 30% van de vergoedingen van de zorgverzekeraars. De andere 70% is voor haar vervanger.
Daarnaast krijgt V tijdens haar zwangerschapsverlof een uitkering van het UWV (wettelijk minimumloon) en vanuit haar arbeidsongeschiktheidsverzekering. Samen is dat meer dan haar normale inkomen en compenseert dat ook ruim voor het minder werken in januari en februari.

Kinderbijslag:
Voor zover ik kan vinden verdubbelt onze kinderbijslag na de geboorte van onze nieuwe spruit. Ik dacht altijd dat een tweede kind minder krijgt, maar ik kon daar niets over terugvinden op de site van de SVB.
Wat wel uitmaakt is wanneer onze kleine geboren wordt. V is uitgerekend helemaal begin april, maar het zou een financieel stuk gunstiger zijn als de kleine nog net  in maart geboren wordt. Dat scheelt drie maanden voor de eerste uitbetaling van de kinderbijslag.
Onze dochter werd net in het nieuwe kwartaal geboren en daardoor duurde het bijna een half jaar voordat de eerste uitbetaling van de kinderbijslag plaatsvond. Je krijgt het namelijk aan het eind van het kwartaal na de het kwartaal waarin je kindje geboren is.

Kinderopvangtoeslag:
Pasgeleden hebben we bericht gekregen over de kinderopvangtoeslag voor volgend jaar. Op basis van inkomen en afgenomen uren krijgen we volgend jaar iets meer kinderopvangtoeslag per maand. Dit geldt in ieder geval voor het eerste halfjaar. Daarna gaat onze dochter naar de basisschool en ons nieuwe gezinslid naar de kinderopvang. Of we dan dezelfde uren opvang blijven afnemen weten we nog niet.

Als met al zullen de inkomsten over het hele jaar gemiddeld iets lager uitvallen dan nu het geval is, maar heel veel zal het ook weer niet zijn.