Ik schrok van de armoedecijfers in Nederland

Eigenlijk een heel triest bericht eergisteren in de media; het aantal huishoudens dat langer dan 4 jaar onder de armoedegrens leeft is in 2015 verder gestegen.

Ondanks alle jubelverhalen over een betere economie, huizenprijzen die weer tot in de hemel reiken en dalende werkloosheidscijfers, gaat het met een steeds grotere groep financieel echt niet goed in Nederland.
Vorig jaar zijn er 27.000 huishoudens bijgekomen een inkomen hebben dat minder is dan het consumptieniveau dat in Nederland als minimaal noodzakelijk wordt gezien. Of zoiets. Een definitie waar ik zelf niet zo veel mee kan.
Voor mij is inkomensarmoede, zoals bovenstaande definitie wordt genoemd, wanneer je minder inkomen hebt dan nodig om in je eerste levensbehoeften te voorzien. Heel plat gezegd, als je niet genoeg inkomen hebt voor een dak boven je hoofd, brood op de plank en kleren om je lijf.

En blijkbaar waren er in 2015 maar liefst 221.000 huishoudens die minder inkomen hadden om daar voor te zorgen. Door het CBS zijn bedragen vastgesteld wanneer je onder de inkomensarmoedegrens valt. Voor eenpersoons gezinnen is dat €1.030 en voor een stel met twee minderjarige kinderen is dat €1.930.
Maar eigenlijk was het aantal huishoudens onder de armoedegrens veel groter. In totaal waren het 626.000 huishoudens, alleen een groot deel daarvan heeft nog niet langer dan 4 jaar een inkomen onder dat bedrag.

In totaal zijn er in Nederland 8,8 miljoen huishoudens. Het genoemde aantal van 626.000 huishoudens met een inkomen onder de armoedegrens is dus ruim 7%. Dat betekent dat 1 op de 14 gezinnen in armoede leeft. Dat vind ik schokkend in een rijk en welvarend land als Nederland is, of in ieder geval claimt te zijn.

Wat in ieder geval blijkt uit de cijfers is dat de herstellende economie voor een groot aantal mensen nog helemaal niets heeft opgeleverd.

Hoe kijken jullie tegen deze armoedecijfers aan?

En om met een cynische noot te eindigen: Volgens De Speld heeft de politiek een oplossinge gevonden om het aantal mensen onder de armoede grens terug te dringen. Ze hebben de armoedegrens verlaagd.

Nederlanders spaarden in 2016 €100 per persoon

In 2016 is het spaargeld van Nederlanders toegenomen met 5,3 miljard Euro. Hiervan was 1,8 miljard echt nieuw gespaard geld, de rest was rentebijschrijving. Hiermee kwam het totaal aan spaargeld uit op circa 340 miljard euro.

Dat zijn allemaal bedragen die mij altijd duizelen. Om het voor mezelf helder te maken deel ik dit door het aantal mensen in Nederland, voor het gemak ga ik uit van 17 miljoen Nederlanders op dit moment.

340 miljard euro komt neer op gemiddeld €20.000 per persoon. Dat is minder dan de belastingvrije voet voor de vermogensrendementsheffing (VRH). Al moet daarbij gezegd worden dat ik minderjarige kinderen ook heb meegeteld, en die tellen voor de VRH weer mee bij de ouders.

1,8 miljard nieuw ingelegd spaargeld is bijna 106 euro per persoon op jaarbasis. Dat is minder dan 10 euro per persoon per maand. Dat is dan wel weer erg weinig. Ik denk dat er een verklaring kan zitten in de exploderende huizenmarkt waarbij redelijk wat eigen geld gebruikt wordt om de huizen te kopen, op te knappen en in te richten.

Dat er maar zo weinig geld echt gespaard is zegt maar weinig of het vermogen van mensen veel of weinig is toegenomen. Spaargeld is maar één van de factoren die het vermogen van iemand bepaalt.

Toen wij de toename van ons vermogen berekenenden aan het eind van vorig jaar bleek ook dat ons spaargeld nog hetzelfde was als aan het begin van het jaar. Echter hadden wij onze schulden fors verminderd, hadden we wel gespaard in de spaarhypotheek en hadden we een kleine beleggingsportefeuille opgebouwd.
Uiteindelijk was ons vermogen met ruim €25.000 toegenomen, maar zie jaar niets van terug op onze sparrekeneningen.

Minder mensen hebben betalingsproblemen op de hypotheek

Hypotheken

In de Telegraaf las ik een artikel waarin werd gesteld dat steeds minder “woningbezitters” problemen hebben om de hypotheek te betalen. Het aantal mensen/huishoudens dat problemen heeft is met ruim 2.200 afgenomen tot 110.000.

Zijn deze getallen nu echt heel positief? En is dit echt significant. Uit wat verouderde cijfers (2010) die ik vond op internet las ik dat er ongeveer 4 miljoen huishoudens zijn met een koopwoning/hypotheek. 110.000 huishoudens met een betalingsprobleem is dan 2,75% met problemen. Een afname van 2.200 huishoudens is 2% van al die huishoudens in de problemen. Dat vind ik persoonlijk al niet zo’n schokkende ontwikkeling.
Maar als je het bekijkt vanuit die 4 miljoen koopwoningen dan is het helemaal een druppel op een gloeiende plaat: 0,055%.

Dan is de volgende vraag, hoe is deze daling tot stand gekomen? Hebben deze mensen hun huis gedwongen moeten verkopen en zitten ze nu met een restschuld? Hebben ze zelf hun achterstanden ingehaald en liggen ze weer op schema? Het zijn zo maar wat mogelijkheden, die een heel andere kijk op deze cijfers kunnen geven.

In het eerste geval gaat het dus helemaal niet beter, er zijn in dat geval 2.200 gezinnen uit hun huis gezet, terwijl in het tweede geval mensen (op eigen kracht) hun achterstanden hebben weggewerkt en daardoor niet meer als wanbetaler te boek staan bij het BKR. Op de site van de BKR vond ik niet echt uitgebreidere informatie.

Huren
Tegelijkertijd stond er ook een artikel over het moeilijk rondkomen van huurders. Daarin bleek dat 18% van huurders (het gevaar loopt om op termijn) moeilijk rond te kunnen komen. Een woordvoerder van minister Blok bracht hier tegenin dat dit dus gebaseerd is op modelberekeningen en niet op daadwerkelijke cijfers.
Toch vind ik het zorgwekkend als de berekeningen uit blijken te komen en 18% van de huurders (in totaal ca. 3 miljoen huishoudens in 2010) moeilijk rond kunnen komen. Dat zijn ruim 550.000 huishoudens, dus 5x zoveel als de kopers met betalingsproblemen. Dat vind ik toch wel schrikbarende cijfers, en geeft aan dat het toch nog niet zo goed gaat met Nederland.